11 januari 2017

Organisatie in de klas ondersteunen met ict

Tijdens klassenbezoeken in het (voortgezet) onderwijs valt me op dat onduidelijkheid over de planning en organisatie van een les vaak onrust geeft. Leerlingen willen graag weten wat er precies van ze verwacht wordt, met wie ze aan de slag moeten en het waarom van de les.

Mondelinge instructies over de opzet van de les zijn meestal niet voldoende. Hoe kan ict ondersteunend zijn bij het visueel ondersteunen van instructies en de organisatie om leerlingen (sneller) aan het werk te zetten? Een paar suggesties:
  • Heel eenvoudig: zet een slide op het digibord met daarop het 'programma' van de les, eventueel met (globale) tijdsduur per onderdeel. Toon evt. ook een slide met de doelen/criteria en werkafspraken.
  • In plaats van een presentielijst voorlezen: zet alle namen in de Groepjesmaker van Schoolbordportaal. Wie staat er niet op? Hebben alle leerlingen een device, dan kun je de namen en bijvoorbeeld antwoorden op enkele voorkennisvragen ophalen met een eenvoudig Google Formulier
  • De Groepjesmaker gebruik je vooral om op willekeurige basis groepjes te maken. De computer beslist, dus geen discussie! Leerlingen worden zo in de positie gebracht om samen te werken, ook met klasgenoten die ze misschien zelf niet zo snel zouden kiezen. Ook fijn: de groepjessamenstelling staat meteen visueel duidelijk op het digibord.
  • Ondersteun een blokje werktijd met een klok op het scherm. Leerlingen zien hoe lang ze nog moeten werken aan een opdracht en wanneer ze aan de afronding van het blok moeten beginnen.
  • Werk met een Padlet (digitaal prikbord) om alle bronnen bij de les digitaal beschikbaar te maken. Op deze Padlet kun je ook de organisatorische zaken kwijt. Maak een QR-code of een korte URL aan, zodat de leerlingen de Padlet snel kunnen vinden.
Ik werk het liefst papierloos, maar de ervaring heeft geleerd dat dat niet altijd de beste oplossing is. Als ik gastlessen verzorg, maak ik daarom tegenwoordig toch vaak een A4'tje met de hoofdlijnen: de opdracht, de (digitale) bronnen, criteria voor beoordeling. 

Wat gebruik jij om leerlingen meer houvast te geven bij de organisatie van de les?

26 december 2016

Eindejaars-loopvierdaagse ‘Beerse Strijkerkwartet’

In vier dagen een marathon (42,195 km) lopen en aan de eindstreep het succes vieren met een warm drankje en een Beerse Strijker… dat is het idee achter het Beerse Strijker-kwartet. Het informele loopevent is voor hardlopers en wandelaars.

In de herfst van 2015 liep een groepje hardlopers uit de Beerzen in vier dagen een marathon: vier routes van circa 10 kilometer die op de kaart samen de blaadjes van een klavertje vier vormen.

De groep organiseert dit jaar een tweede editie met nieuwe routes (deels verhard, deels onverhard) en voor iedereen die belangstelling heeft de mogelijkheid om aan te sluiten. Genieten van de omgeving staat voorop; het is geen wedstrijd, er wordt gelopen met een tempo van tussen de 10 en 10,5 km per uur. Wandelaars kunnen hun eigen tempo bepalen en volgen de routes op basis van een digitale kaart. Het is niet verplicht elke dag te lopen.

De start van het Beerse Strijker-kwartet is op dinsdag 27 december om 9.30 uur op de parkeerplaats bij Buurtzorg aan de Kuikseindseweg 18. Op 28 en 29 december starten we op dezelfde tijd, zelfde plek, op de 30e starten de wandelaars om 9.00 uur bij Buurtzorg en de hardlopers om 10.00 uur vanuit Gasterij De Kemphaan, zodat we om 11.00 uur gezamenlijk bij de Kemphaan kunnen afronden. Inschrijven is niet nodig. Drankje en een Beerse Strijker of andere lekkernij zijn voor eigen kosten.

De routes zijn beschikbaar via Afstandmeten.nl. Afstandmeten.nl heeft apps voor iPhone en Android-smartphones, waarmee je via GPS de route kunt volgen. Je kunt de routes ook exporteren naar GPX-, KML- of TCX-formaat.

24 december 2016

BREAKING: Lancering nieuwe partij HELFT

Het kan snel gaan. Een dag na het vertrek van Ilya Lanovitz bij de splinterpartij SVP, een afscheiding van de PvdR, en de lancering direct hierop volgend van haar eenpersoonspartij Kader 23 heeft vanochtend om half negen de linkerhelft van Lanovitz verklaard deze nieuwe partij te verlaten en een nieuwe partij te starten onder de naam HELFT.

De partij wil een frisse wind door de Nederlandse politiek laten waaien en pleit onder andere voor de halvering van de pensioenleeftijd naar 33,5 jaar en splitsing van Flevoland in Noord-Flevoland en Zuid-Flevoland. De partij wil zich profileren met het nemen van halve maatregelen.

HELFT streeft ernaar medio maart een halve zetel te winnen in de verkiezingen voor de Tweede Kamer - volgens de partijvoorzitter gelijk aan 1 zetel in de Eerste Kamer - door zich in het midden van het politieke spectrum te positioneren. De rechterhelft van Lanovitz zegt alle vertrouwen in haar linkerhelft kwijt te zijn. Ze overweegt nu het politieke strijdtoneel te verlaten.

07 december 2016

Open brief aan een student...

Beste student X,

Ik help jonge mensen graag vooruit. Een gastles, een gesprekje, even iemand koppelen aan een expert... hartstikke mooi om een kleine bijdrage te kunnen leveren aan de ontwikkeling van geïnteresseerde scholieren en studenten.

Soms help je jonge mensen niet door te geven, maar door iets terug te geven.

Dat doe ik in deze open brief. Geanonimiseerd, want niet bedoeld om je te kijk te zetten. Wel in deze open vorm. Omdat ik regelmatig vergelijkbare verhalen hoor van collega's. Omdat andere studenten er wellicht wat aan hebben. En omdat ik nu in een vergelijkbare situatie, volgende keer kan volstaan met het sturen van een linkje naar deze blog.

Twee weken geleden ontving ik je e-mailbericht: of ik enkele vragen wilde beantwoorden. Per e-mail, want je "agenda laat op dit moment geen ruimte voor een echt interview". Als motivatie lees ik dat je "een vraaggesprek moet opnemen in je portfolio". De bijlage met de vragen ontbreekt; ik laat dat nog even weten, maar ontvang geen reactie.

Verplaats je even in de ontvanger en diens mogelijke beleving: "ik heb het zelf hartstikke druk, die student heeft als enige motivatie dat het moet en neemt niet eens de moeite om te checken of de bijlage bij het bericht zit."

Twee weken later. Alsnog een bericht met bijlage. En: "Helaas kon ik niet eerder reageren omdat ik ziek ben geweest." Kan gebeuren, vervelend als je zo ziek bent dat je niet eens een mailbericht kunt versturen. Dan de bijlage: het wemelt van de taalfouten.

Verplaats je even in de ontvanger en diens mogelijke beleving: die student neemt niet eens de moeite om een tekst even te checken op spelfouten.

Ik ga je deze keer niet helpen met antwoorden op je vragen. Wel hoop ik dat je iets kunt met deze feedback. Laat simpelweg zien dat je echt gemotiveerd bent, dat je tijd en moeite wilt investeren en zorgvuldig bent in je communicatie. Dan - dat weet ik zeker - zijn er genoeg mensen die je verder willen helpen.

Met vriendelijke groet,
Erno Mijland

03 december 2016

Waarom ik op 31 december stop met Facebook

De knoop is doorgehakt... op 31 december zeg ik mijn account op bij Facebook. Het social media-platform is nooit echt mijn ding geweest, maar ja: veel vrienden zitten erop en je kunt zo gemakkelijk je enthousiasme delen en anderen attent maken op je evenementen en activiteiten. Toch, als ik alles bij elkaar optel, kan ik niet anders dan stoppen... 
Wat ik dan bij elkaar heb opgeteld?
  1. Ik gebruik sociale media voornamelijk zakelijk en functioneel. Twitter en LinkedIn zijn hier het meest geschikt voor. Ik gebruik ze al jarenlang en vrij intensief en heb in beide een groot netwerk opgebouwd. De tijdlijn van Facebook voegt voor mij inhoudelijk nagenoeg niets toe. Vaak zie ik verwijzingen naar filmpjes of artikelen, die ik al op andere sociale media voorbij zag komen. Ik ben dan ook niet bang dat ik veel zal missen.
  2. Ik vind de user interface van Facebook onprettig druk met hinderlijk aanwezige reclame. Twitter en LinkedIn hebben ook reclame-uitingen, maar komen prettiger over en zijn gebruiksvriendelijker.
  3. Je kunt in Facebook niet snel en gericht zoeken in het archief, in en buiten je netwerk, iets wat met name in Twitter veel beter geregeld is.
  4. De stroom incidenten rond Facebook houdt maar niet op. Van manipuleren van de tijdlijn, tot het censureren van beelden, tot 'data mining' in allerlei persoonlijke gegevens. De grote platforms hebben allemaal een commercieel oogmerk, maar Facebook lijkt toch regelmatig elk gevoel voor ethiek te ontberen.
  5. Op Facebook lopen allerlei rollen door elkaar. Andrew Keen schrijft hierover in 'Internet is niet het antwoord' en hij heeft een punt. Je kunt hier best prima mee omgaan, maar ik zie soms privé-dingen van zakelijke relaties waarbij ik denk: 'Dat wil ik helemaal niet weten.'
  6. Mijn vrienden doen dat natuurlijk niet of nauwelijks, maar ik zie nog toch te veel narcistische zelfverheerlijking, luie stoel-gutmenscherei én ongenuanceerde meningendiarree, beelden van huisdieren en maaltijden, luie reacties, luie felicitaties en lui meeleven, suffe emoticons, uitnodigingen voor het meedoen aan games, vriendenverzoeken met gratis ransomware en het belangeloos meewerken aan slimme reclamecampagnes. (Zelf ga ik waarschijnlijk niet bij alles vrijuit in dezen.)
  7. Het team psychologen dat Facebook ontwikkelt, is zo slim dat ook ik soms verslavingsachtig gedrag ga vertonen, zoals het meerdere keren per uur checken of een bijdrage nog nieuwe likes of reacties heeft ontvangen. Stoppen met Facebook is daarmee ook een stukje zelfbescherming.

Nagekomen:

Frank Wijn stuurde me onderstaande afbeelding als reactie op dit blog. Je ziet de machtigingen die je Facebook geeft als je de app installeert op een Android-telefoon.


01 december 2016

Drie dagen in Google Classroom

De afgelopen drie dagen heb ik studiebijeenkomsten verzorgd over het gebruik van Google Classroom voor docenten van het Stanislas College in Delft. Classroom maakt onderdeel uit van de G Suite for Education, een totaalpakket met web based programma's voor scholen, inclusief e-mail, tekstverwerker, cloudopslag en meer.

Classroom is een Elektronische LeerOmgeving. Als docent werk je met lesgroepen, waarbij je zelf bepaalt of dat bijvoorbeeld een groep leerlingen is die je een heel jaar Nederlands geeft of een groepje snelle leerlingen die een kortlopend project doen als extra opdracht. In een lesgroep:
  • plaats je opdrachten / vragen, waar de leerlingen iets mee moeten
  • beoordeel je ingeleverde opdrachten / antwoorden en geeft er evt. feedback op
  • plaats je bronnen voor de hele periode of als actuele update

Classroom regelt verder enkele praktische zaken op de achtergrond. Zo kun je een werkblad uitdelen aan je leerlingen. Classroom maakt dan voor elke leerling een unieke kopie om dit werkblad in te vullen. De cijfers die je geeft, kun je laten exporteren naar een spreadsheet en er wordt bij elke lesgroep automatisch een map aangemaakt in je Drive waarin alle werk wordt verzameld. Dat geldt ook voor de leerling: die kan via Classroom rechtstreeks naar de map met werk in het kader van de lesgroep. Sinds kort kun je ook opdrachten klaarzetten voor publicatie op een later tijdstip.

Hoe een en ander er uit ziet, zie je in dit filmpje.


Docenten zien de toegevoegde waarde van Classroom vooral in het gebruiksgemak, de snelheid van werken en het kunnen samenwerken met collega's. Classroom is aan de andere kant (nog) erg basic. Enkele tekortkomingen wat mij betreft zijn:

  • differentiëren, peer review van opdrachten wordt niet ondersteund c.q. moet je zelf op een andere manier organiseren
  • je kunt eenmaal ingevoerde bronnen niet ordenen
  • er zit geen zoekmachine in Classroom (ja, je leest het goed)
  • je kunt niet 'inzoomen' op een individuele leerling om te zien welke opdrachten deze al heeft gedaan en welke nog openstaan
Classroom is nog volop in ontwikkeling. Elke maand komen er uitbreidingen bij op de functionaliteit. Je kunt de ontwikkelingen onder andere volgen via deze link.

25 november 2016

Digitaal prikbord: Google Keep!

Als het gaat om (varianten op) digitale prikborden, zijn er volop goede, gratis toepassingen beschikbaar, zoals Padlet en Trello.

Een didactische toepassing is bijvoorbeeld om leerlingen met een tekst of foto te laten reageren op een vraag. Ze plaatsen die tekst of foto op een gezamenlijk digitaal prikbord, dat je laat zien op het digibord om vervolgens de input te bespreken.

Ik vroeg me af: kun je iets dergelijks ook organiseren in de Google-omgeving, met name als je werkt met de G Suite for Education?

De eerste gedachte was: maak een Google-presentatie aan en laat leerlingen op één slide hun input plaatsen. Kan, maar wordt snel rommelig. Er is een andere oplossing: Google Keep, het notities-prikbord uit de Google-familie. Hoe werkt het:
  • De leraar stelt de vraag en geeft een zelfbedachte code, een unieke reeks letters en/of cijfers.
  • Leerlingen beantwoorden de vraag met een post in hun eigen Keep-omgeving, voegen er de unieke code aan toe en delen het resultaat met hun leraar.
  • De leraar voert in Keep de unieke code als zoekopdracht in.
  • Op het digibord kunnen nu alle ingezonden items getoond worden om gezamenlijk te bespreken.
Voordeel: de leerlingen moeten ingelogd zijn, hun posts bevatten een pasfotootje. Geen anonieme bijdragen dus. Wel goed opletten als je in je Keep 'for your eyes only'-posts hebt staan. Jammer is dat je de posts niet kunt verschuiven om bijvoorbeeld te ordenen.

Nog even doen: als er een nieuwe Keep-notitie met je wordt gedeeld, krijg je een e-mailnotificatie. Je wilt waarschijnlijk geen stapels mail van al die leerlingen. Maak dus even een filter aan in GMail / Mail dat zegt dat deze mails weggegooid moeten worden. Gebruik als kenmerk: "bevat de tekst" en als tekst "heeft een notitie met je gedeeld".

Met dank aan Willem Karssenberg.

21 november 2016

Wat is jouw verderkomstrategie?

Als een apparaat niet meer doet wat het moet doen en ik weet niet waarom niet, zet ik het uit, wacht even, en zet het dan weer aan.

Als ik niet verder kom met het schrijven aan een stuk en ik heb niet echt een oplossing, dan zet ik mijn computer uit en ga een stuk hardlopen.

Het zijn voorbeelden van verderkomstrategieën, een woord dat op moment van schrijven 0 resultaten geeft in Google. Daarmee mag je aannemen dat het woord (nog) niet bestaat. Of dat het vanaf nu bestaat en daarmee een neologisme is: een nieuw begrip.

Ik bedacht het woord voor mijn trainingen over leren in de 21e eeuw, vanuit het idee dat het beschikken over een breed repertoire aan verderkomstrategieën helpt om je weg te vinden in een complexe, veranderlijke wereld. Vandaag verscheen mijn column hierover op de website van BCO Onderwijsadvies.

In het Engels bestaat de uitdrukking 'to coin a phrase', ofwel 'een uitdrukking munten'. Het staat op mijn verlanglijstje ooit een uitdrukking te munten. In 2008 schreef ik hier al over. Misschien is het begrip 'verderkomstrategieën' een kanshebber. In mijn trainingen over 21e eeuws leren wordt het in elk geval - hoewel het dus nog niet officieel bestaat - met herkenning ontvangen. Men begrijpt in de betreffende context direct wat ik bedoel. Ik beschouw dat als een goed teken. Dit blog schrijven is een verderkomstrategie om het begrip nog een duwtje te geven in de richting van bredere acceptatie.

Welke verderkomstrategie werkt voor jou?

Aanvulling: een variant op het begrip is verderkomhouding, een woord dat een goed puur Nederlands alternatief zou kunnen zijn voor 'growth mindset'.

Denkend aan mijn vader (2)

21 november 2006 is de sterfdag van mijn vader Jacques Mijland, vandaag precies tien jaar geleden. Tien jaar van vaak denken: wat zou hij nu zeggen, doen, hoe zou hij kijken? 63 jaar werd hij.

Ik probeer de herinneringen aan hem levend te houden, maar vooral ook in ons - zijn naasten - te herkennen wat hij ons heeft meegegeven. Voor mij is dat in elk geval de liefde voor de taal. We dichtten allebei, hielden samen een boek bij met korte teksten, schreven voor ons werk en waren echte literatuurliefhebbers.

In het weekend schreef ik een gedicht, dat besluit met..

ik schrijf nu alleen
maar in het kneden van zinnen
komt wie we samen waren
 
altijd weer binnen

Vandaag draag ik de zegelring die hij me postuum - via mijn moeder - heeft gegeven.

Eerdere blogs:

16 november 2016

Acht do’s van de mediaopvoeder


Kinderen en jongeren op een goede manier begeleiden op het gebied van gaming, (sociale) media en internet kan knap lastig zijn, zowel voor ouders als voor andere (professionele) opvoeders.

De digitale wereld gedraagt zich als een kameleon: net op het moment dat je denkt dat je het ziet, veranderen de omstandigheden en voelt het alsof je weer met lege handen staat.

Een ding staat als een paal boven water: kinderen en jongeren hebben ons keihard nodig om gezond, veilig, sociaal en verstandig om te leren gaan met media.

Een mediaopvoeder moet van goeden huize komen om in de wervelende wereld van de moderne media stevig op de been te blijven. Wat is daarvoor nodig?
  1. Kijk en luister. Observeer, probeer het effect te zien van mediagebruik op het (individuele) kind. Ga met het kind in gesprek vanuit oprechte interesse. Stel je oordeel uit, stel open vragen, probeer te begrijpen.
  2. Laat gedoseerd los. Neem de regie bij het jonge kind, bescherm het tegen ongewenste beelden en invloeden. Geef gaandeweg, gedoseerd verantwoordelijkheden. Geef ruimte om de fout in te gaan, maar grijp fouten altijd aan: als leermomenten.
  3. Wees bewust van je eigen omgang met media. Je kind destilleert er de ‘ongeschreven regels’ uit. Je bent een rolmodel. Besef dat bij alles wat je doet. Voorleven is het meest krachtige opvoedingsinstrument.
  4. Informeer het kind zodat het weet wat het moet doen als het even niet weet wat het moet doen. Bijvoorbeeld als het iets vervelends meemaakt.
  5. Maak - zodra het kan samen met het kind en waar het kan samen met andere betrokken opvoeders - heldere afspraken en handhaaf ze. Natuurlijk, grenzen worden soms overschreden, maar zonder grenzen bestaat de kans op grenzeloos verdwalen.
  6. Televisie, tablets, smartphones en laptops zouden geen (of toch zo min mogelijk) een digitale oppas moeten zijn én niet de 'default' keuze bij verveling. Je kind andere dingen laten doen kost tijd en energie. Verleid je kind tot medialoze activiteiten, maar ontdek ook samen nieuwe, bijvoorbeeld creatieve mogelijkheden mét media.
  7. Blijf leren. Verdiep je in de wereld van jonge kinderen en media,volg het nieuws met een kritische blik en wees zelf minstens minimaal vaardig. Praat erover met andere opvoeders en professionals. Durf te vragen, durf te delen.
  8. Vorm je eigen visie op mediagebruik, van jezelf, van het kind. Wat vind jij belangrijk? Durf te kiezen, ook als van anderen meer of juist minder mag. Maar voorkom tegelijkertijd rigiditeit die er voor kan zorgen dat de lijnen met het kind en andere betrokken opvoeders gesloten raken.
Aanstaande vrijdag, 18 november, begint de Week van de Mediawijsheid met activiteiten in het hele land, o.a. ook op scholen.

Op donderdag 24 november verzorg ik een workshop over dit onderwerp tijdens het symposium Kwetsbaar Online. Met Herm Kisjes lever ik een bijdrage aan de plenaire opening. Meer informatie over dit symposium: klik hier.