03 december 2016

Waarom ik op 31 december stop met Facebook

De knoop is doorgehakt... op 31 december zeg ik mijn account op bij Facebook. Het social media-platform is nooit echt mijn ding geweest, maar ja: veel vrienden zitten erop en je kunt zo gemakkelijk je enthousiasme delen en anderen attent maken op je evenementen en activiteiten. Toch, als ik alles bij elkaar optel, kan ik niet anders dan stoppen... 
Wat ik dan bij elkaar heb opgeteld?
  1. Ik gebruik sociale media voornamelijk zakelijk en functioneel. Twitter en LinkedIn zijn hier het meest geschikt voor. Ik gebruik ze al jarenlang en vrij intensief en heb in beide een groot netwerk opgebouwd. De tijdlijn van Facebook voegt voor mij inhoudelijk nagenoeg niets toe. Vaak zie ik verwijzingen naar filmpjes of artikelen, die ik al op andere sociale media voorbij zag komen. Ik ben dan ook niet bang dat ik veel zal missen.
  2. Ik vind de user interface van Facebook onprettig druk met hinderlijk aanwezige reclame. Twitter en LinkedIn hebben ook reclame-uitingen, maar komen prettiger over en zijn gebruiksvriendelijker.
  3. Je kunt in Facebook niet snel en gericht zoeken in het archief, in en buiten je netwerk, iets wat met name in Twitter veel beter geregeld is.
  4. De stroom incidenten rond Facebook houdt maar niet op. Van manipuleren van de tijdlijn, tot het censureren van beelden, tot 'data mining' in allerlei persoonlijke gegevens. De grote platforms hebben allemaal een commercieel oogmerk, maar Facebook lijkt toch regelmatig elk gevoel voor ethiek te ontberen.
  5. Op Facebook lopen allerlei rollen door elkaar. Andrew Keen schrijft hierover in 'Internet is niet het antwoord' en hij heeft een punt. Je kunt hier best prima mee omgaan, maar ik zie soms privé-dingen van zakelijke relaties waarbij ik denk: 'Dat wil ik helemaal niet weten.'
  6. Mijn vrienden doen dat natuurlijk niet of nauwelijks, maar ik zie nog toch te veel narcistische zelfverheerlijking, luie stoel-gutmenscherei én ongenuanceerde meningendiarree, beelden van huisdieren en maaltijden, luie reacties, luie felicitaties en lui meeleven, suffe emoticons, uitnodigingen voor het meedoen aan games, vriendenverzoeken met gratis ransomware en het belangeloos meewerken aan slimme reclamecampagnes. (Zelf ga ik waarschijnlijk niet bij alles vrijuit in dezen.)
  7. Het team psychologen dat Facebook ontwikkelt, is zo slim dat ook ik soms verslavingsachtig gedrag ga vertonen, zoals het meerdere keren per uur checken of een bijdrage nog nieuwe likes of reacties heeft ontvangen. Stoppen met Facebook is daarmee ook een stukje zelfbescherming.

01 december 2016

Drie dagen in Google Classroom

De afgelopen drie dagen heb ik studiebijeenkomsten verzorgd over het gebruik van Google Classroom voor docenten van het Stanislas College in Delft. Classroom maakt onderdeel uit van de G Suite for Education, een totaalpakket met web based programma's voor scholen, inclusief e-mail, tekstverwerker, cloudopslag en meer.

Classroom is een Elektronische LeerOmgeving. Als docent werk je met lesgroepen, waarbij je zelf bepaalt of dat bijvoorbeeld een groep leerlingen is die je een heel jaar Nederlands geeft of een groepje snelle leerlingen die een kortlopend project doen als extra opdracht. In een lesgroep:
  • plaats je opdrachten / vragen, waar de leerlingen iets mee moeten
  • beoordeel je ingeleverde opdrachten / antwoorden en geeft er evt. feedback op
  • plaats je bronnen voor de hele periode of als actuele update

Classroom regelt verder enkele praktische zaken op de achtergrond. Zo kun je een werkblad uitdelen aan je leerlingen. Classroom maakt dan voor elke leerling een unieke kopie om dit werkblad in te vullen. De cijfers die je geeft, kun je laten exporteren naar een spreadsheet en er wordt bij elke lesgroep automatisch een map aangemaakt in je Drive waarin alle werk wordt verzameld. Dat geldt ook voor de leerling: die kan via Classroom rechtstreeks naar de map met werk in het kader van de lesgroep. Sinds kort kun je ook opdrachten klaarzetten voor publicatie op een later tijdstip.

Hoe een en ander er uit ziet, zie je in dit filmpje.


Docenten zien de toegevoegde waarde van Classroom vooral in het gebruiksgemak, de snelheid van werken en het kunnen samenwerken met collega's. Classroom is aan de andere kant (nog) erg basic. Enkele tekortkomingen wat mij betreft zijn:

  • differentiëren, peer review van opdrachten wordt niet ondersteund c.q. moet je zelf op een andere manier organiseren
  • je kunt eenmaal ingevoerde bronnen niet ordenen
  • er zit geen zoekmachine in Classroom (ja, je leest het goed)
  • je kunt niet 'inzoomen' op een individuele leerling om te zien welke opdrachten deze al heeft gedaan en welke nog openstaan
Classroom is nog volop in ontwikkeling. Elke maand komen er uitbreidingen bij op de functionaliteit. Je kunt de ontwikkelingen onder andere volgen via deze link.

25 november 2016

Digitaal prikbord: Google Keep!

Als het gaat om (varianten op) digitale prikborden, zijn er volop goede, gratis toepassingen beschikbaar, zoals Padlet en Trello.

Een didactische toepassing is bijvoorbeeld om leerlingen met een tekst of foto te laten reageren op een vraag. Ze plaatsen die tekst of foto op een gezamenlijk digitaal prikbord, dat je laat zien op het digibord om vervolgens de input te bespreken.

Ik vroeg me af: kun je iets dergelijks ook organiseren in de Google-omgeving, met name als je werkt met de G Suite for Education?

De eerste gedachte was: maak een Google-presentatie aan en laat leerlingen op één slide hun input plaatsen. Kan, maar wordt snel rommelig. Er is een andere oplossing: Google Keep, het notities-prikbord uit de Google-familie. Hoe werkt het:
  • De leraar stelt de vraag en geeft een zelfbedachte code, een unieke reeks letters en/of cijfers.
  • Leerlingen beantwoorden de vraag met een post in hun eigen Keep-omgeving, voegen er de unieke code aan toe en delen het resultaat met hun leraar.
  • De leraar voert in Keep de unieke code als zoekopdracht in.
  • Op het digibord kunnen nu alle ingezonden items getoond worden om gezamenlijk te bespreken.
Voordeel: de leerlingen moeten ingelogd zijn, hun posts bevatten een pasfotootje. Geen anonieme bijdragen dus. Wel goed opletten als je in je Keep 'for your eyes only'-posts hebt staan. Jammer is dat je de posts niet kunt verschuiven om bijvoorbeeld te ordenen.

Nog even doen: als er een nieuwe Keep-notitie met je wordt gedeeld, krijg je een e-mailnotificatie. Je wilt waarschijnlijk geen stapels mail van al die leerlingen. Maak dus even een filter aan in GMail / Mail dat zegt dat deze mails weggegooid moeten worden. Gebruik als kenmerk: "bevat de tekst" en als tekst "heeft een notitie met je gedeeld".

Met dank aan Willem Karssenberg.

21 november 2016

Wat is jouw verderkomstrategie?

Als een apparaat niet meer doet wat het moet doen en ik weet niet waarom niet, zet ik het uit, wacht even, en zet het dan weer aan.

Als ik niet verder kom met het schrijven aan een stuk en ik heb niet echt een oplossing, dan zet ik mijn computer uit en ga een stuk hardlopen.

Het zijn voorbeelden van verderkomstrategieën, een woord dat op moment van schrijven 0 resultaten geeft in Google. Daarmee mag je aannemen dat het woord (nog) niet bestaat. Of dat het vanaf nu bestaat en daarmee een neologisme is: een nieuw begrip.

Ik bedacht het woord voor mijn trainingen over leren in de 21e eeuw, vanuit het idee dat het beschikken over een breed repertoire aan verderkomstrategieën helpt om je weg te vinden in een complexe, veranderlijke wereld. Vandaag verscheen mijn column hierover op de website van BCO Onderwijsadvies.

In het Engels bestaat de uitdrukking 'to coin a phrase', ofwel 'een uitdrukking munten'. Het staat op mijn verlanglijstje ooit een uitdrukking te munten. In 2008 schreef ik hier al over. Misschien is het begrip 'verderkomstrategieën' een kanshebber. In mijn trainingen over 21e eeuws leren wordt het in elk geval - hoewel het dus nog niet officieel bestaat - met herkenning ontvangen. Men begrijpt in de betreffende context direct wat ik bedoel. Ik beschouw dat als een goed teken. Dit blog schrijven is een verderkomstrategie om het begrip nog een duwtje te geven in de richting van bredere acceptatie.

Welke verderkomstrategie werkt voor jou?

Aanvulling: een variant op het begrip is verderkomhouding, een woord dat een goed puur Nederlands alternatief zou kunnen zijn voor 'growth mindset'.

Denkend aan mijn vader (2)

21 november 2006 is de sterfdag van mijn vader Jacques Mijland, vandaag precies tien jaar geleden. Tien jaar van vaak denken: wat zou hij nu zeggen, doen, hoe zou hij kijken? 63 jaar werd hij.

Ik probeer de herinneringen aan hem levend te houden, maar vooral ook in ons - zijn naasten - te herkennen wat hij ons heeft meegegeven. Voor mij is dat in elk geval de liefde voor de taal. We dichtten allebei, hielden samen een boek bij met korte teksten, schreven voor ons werk en waren echte literatuurliefhebbers.

In het weekend schreef ik een gedicht, dat besluit met..

ik schrijf nu alleen
maar in het kneden van zinnen
komt wie we samen waren
 
altijd weer binnen

Vandaag draag ik de zegelring die hij me postuum - via mijn moeder - heeft gegeven.

Eerdere blogs:

16 november 2016

Acht do’s van de mediaopvoeder


Kinderen en jongeren op een goede manier begeleiden op het gebied van gaming, (sociale) media en internet kan knap lastig zijn, zowel voor ouders als voor andere (professionele) opvoeders.

De digitale wereld gedraagt zich als een kameleon: net op het moment dat je denkt dat je het ziet, veranderen de omstandigheden en voelt het alsof je weer met lege handen staat.

Een ding staat als een paal boven water: kinderen en jongeren hebben ons keihard nodig om gezond, veilig, sociaal en verstandig om te leren gaan met media.

Een mediaopvoeder moet van goeden huize komen om in de wervelende wereld van de moderne media stevig op de been te blijven. Wat is daarvoor nodig?
  1. Kijk en luister. Observeer, probeer het effect te zien van mediagebruik op het (individuele) kind. Ga met het kind in gesprek vanuit oprechte interesse. Stel je oordeel uit, stel open vragen, probeer te begrijpen.
  2. Laat gedoseerd los. Neem de regie bij het jonge kind, bescherm het tegen ongewenste beelden en invloeden. Geef gaandeweg, gedoseerd verantwoordelijkheden. Geef ruimte om de fout in te gaan, maar grijp fouten altijd aan: als leermomenten.
  3. Wees bewust van je eigen omgang met media. Je kind destilleert er de ‘ongeschreven regels’ uit. Je bent een rolmodel. Besef dat bij alles wat je doet. Voorleven is het meest krachtige opvoedingsinstrument.
  4. Informeer het kind zodat het weet wat het moet doen als het even niet weet wat het moet doen. Bijvoorbeeld als het iets vervelends meemaakt.
  5. Maak - zodra het kan samen met het kind en waar het kan samen met andere betrokken opvoeders - heldere afspraken en handhaaf ze. Natuurlijk, grenzen worden soms overschreden, maar zonder grenzen bestaat de kans op grenzeloos verdwalen.
  6. Televisie, tablets, smartphones en laptops zouden geen (of toch zo min mogelijk) een digitale oppas moeten zijn én niet de 'default' keuze bij verveling. Je kind andere dingen laten doen kost tijd en energie. Verleid je kind tot medialoze activiteiten, maar ontdek ook samen nieuwe, bijvoorbeeld creatieve mogelijkheden mét media.
  7. Blijf leren. Verdiep je in de wereld van jonge kinderen en media,volg het nieuws met een kritische blik en wees zelf minstens minimaal vaardig. Praat erover met andere opvoeders en professionals. Durf te vragen, durf te delen.
  8. Vorm je eigen visie op mediagebruik, van jezelf, van het kind. Wat vind jij belangrijk? Durf te kiezen, ook als van anderen meer of juist minder mag. Maar voorkom tegelijkertijd rigiditeit die er voor kan zorgen dat de lijnen met het kind en andere betrokken opvoeders gesloten raken.
Aanstaande vrijdag, 18 november, begint de Week van de Mediawijsheid met activiteiten in het hele land, o.a. ook op scholen.

Op donderdag 24 november verzorg ik een workshop over dit onderwerp tijdens het symposium Kwetsbaar Online. Met Herm Kisjes lever ik een bijdrage aan de plenaire opening. Meer informatie over dit symposium: klik hier.

11 november 2016

(Live) muziek programmeren met Sonic Pi

logo Sonic Pi
Sonic Pi is een open source-programma waarmee je muziekstukken kunt maken op basis van een eenvoudige, maar ook uitgebreide programmeertaal.

Als 'educator' én als muzikant ben ik erg enthousiast over dit programma, de filosofie erachter en de mogelijkheden ermee voor educatieve doeleinden. De inspirerende keynote van bedenker Sam Aaron heeft hier zeker aan bijgedragen.

Allereerst is Sonic Pi open source, dus gratis te downloaden en te gebruiken. Het programma draait op Windows, Mac, Linux en... de Raspberry Pi, het credit card-formaat computertje dat ontwikkeld werd om spelenderwijs te leren programmeren. De 'Pi' in Sonic Pi verwijst hiernaar.

Sonic Pi is maakgereedschap, ook geschikt voor wie geen instrument kan bespelen. Het resultaat van het maakproces is een muziekstuk dat functioneel kan zijn (gebruik bij een filmpje), maar ook eenvoudigweg een creatieve uiting kan zijn.

Sonic Pi kent een korte leercurve. Je eerste noot klinkt al na een minuut, je eerste melodie na tien minuten en na een paar uurtjes studeren en proberen, maak je zomaar je eerste track. Je hebt dan pas een fractie van de mogelijkheden ontdekt. Wie helemaal los wil gaan, kan nog heel lang vooruit.



Al doende leer je het een en ander over programmeren. Sonic pi kent functies, arrays, variabelen... je ontdekt het allemaal spelenderwijs. Ook daagt het programma je uit efficiënt te coderen en zorgvuldig te werken. En passant leer je ook het een en ander over muziek. Je komt het allemaal tegen: de opbouw van een stuk, de structuur van een ritme en de samenstelling van een akkoord.

Een track bestaat uit een lijst met codes die je eenvoudig weg kunt zetten in een Sonic Pi-bestand, maar ook in Word of elke andere tekstverwerker. Wat je maakt is zo eenvoudig op te slaan en mee te nemen. Exporteren naar een geluidsbestand (.wav) kan ook.

De afgelopen weken heb ik me verdiept in het programma, omdat ik de komende maanden een aantal gastlessen (live) programmeren met muziek ga verzorgen op basisscholen (in het kader van het Samsung Smart Education-programma) en een school voor voortgezet onderwijs. In één les van tussen de twee en drie uur leren de leerlingen de uitgangspunten van het programma en gaan ze direct aan de slag met het maken van hun eigen stukken.

Ter ondersteuning van de lessen en voor daarna, als de leerlingen zelf verder willen met het programma*, heb ik een handleiding geschreven, die de komende maanden nog uitgebreid zal worden met nieuwe inzichten, verbeteringen en ontdekkingen. Via de link  http://tinyurl.com/sonicpihandleiding heb je altijd de laatste versie tot je beschikking. De handleiding is gepubliceerd met een creative commons CC BY-SA-licentie.

Noot: Bijzonder is de live-functie waarbij je tijdens het afspelen het programma wijzigt en opnieuw laadt. De muziek loopt dan naadloos verder volgens de aangepaste code. Je zou optredens kunnen verzorgen met Sonic Pi als je instrument!

* En voor mezelf, om de opgedane kennis niet kwijt te raken ; )

01 november 2016

Een jubileum: 20 jaar Middelbeers


Op 1 november 1996 kwam ik in Middelbeers wonen. Mijn vrouw had er een huis dat we in de jaren daarna, soms letterlijk met bloed, zweet en tranen, een thuis maakten voor ons gezin. Het staat aan de rand van het dorp, een paar honderd meter van een heerlijk bos- en heidegebied, dat we elk seizoen weer dankbaar onze achtertuin noemen. Ook prettig: je bent hier nooit ver weg van levendigheid en cultuur: Eindhoven, Tilburg en Den Bosch liggen binnen handbereik.

Middelbeers - tussen de riviertjes de Grote en de Kleine Beerze - telt ruim 3.300 zielen. Een Brabants dorp, zonder opsmuk, met de geur van warm worstenbrood en gemaaid gras, vaak stil, soms gesloten. Waar Piet er een is van Henk en Sjan en je als ‘import’ dus eerst even niemand mag zijn. Zo liep ik eens met mijn dochter in de kinderwagen over het dorpsplein, toen een vrouw over de rand keek en me - zonder me aan te kijken - vroeg: ‘Is dat de dochter van Ineke van Aaken?’ Waarop ik met de verontwaardiging van iemand die nog niet begrijpt hoe het werkt ‘en van mij’ reageerde.

Ik gaf me niet gewonnen en kwam op een strategie die al snel bleek te werken: als verslaggever voor het huis-aan-huis- én het regionale dagblad leerde ik in korte tijd veel dorpsgenoten kennen. En het dorp klopte bij me aan als er wat te vertellen was. Ook sloot ik aan bij enkele van de vele vrijwilligersinitiatieven. We zorgden en zorgen voor wat leven in de brouwerij: een festival, optredens van bandjes, wandelingen, kwissen… en: een internationaal nachtburgemeesterscongres. We ontvingen ze allemaal, inclusief Deelder, in een tijdelijk congrescentrum van bouwketen, geplaatst op het dorpsplein. We maken ook drie keer per jaar een lokale talkshow met de verhalen van onze dorpsgenoten, vanuit de wetenschap dat iedereen wel iets te vertellen heeft dat de moeite waard is om naar te luisteren. Een goed idee leidt hier altijd wel tot de energie om samen iets neer te zetten.

Wonen in een dorp heeft nadelen. Er is niet elke dag wat te doen, verhalen doen snel de ronde, je kunt elkaar niet gemakkelijk ontlopen, mocht je daar behoefte aan hebben. Slechts een enkeling weet dat ik er een ben van Jacques uit Eindhoven en Margriet uit Best. Allemaal klein bier bij wat mijn dorp te bieden heeft. Middelbeers is in de afgelopen twee decennia een beetje van mij geworden. En ik ben hier nog niet klaar.

23 oktober 2016

Zondagsgedichten...

Elke zondag een gedicht...

Week 9 - zondag 27 november 2016:



Alle gedichten tot nu toe...



Elke zondag het nieuwe gedicht per e-mail of WhatsApp ontvangen? Laat hier je gegevens achter.

19 oktober 2016

Google Drive: alles over bestanden delen

De Google-omgeving maakt het erg gemakkelijk om bestanden (of in een keer een hele map met bestanden) te delen met een of meer anderen. Zij hebben daarvoor wel een Google-account nodig. Voor het delen van bestanden met anderen is het belangrijk dat je de onderliggende principes begrijpt, anders heb je mogelijk al snel het gevoel dat je geen grip meer hebt op je bestand en waar het zich bevindt.

Bij het delen van bestanden is het belangrijk te weten dat:

  • degene die het bestand heeft aangemaakt eigenaar blijft, tenzij je actief de rol van eigenaar doorgeeft;
  • het oorspronkelijke bestand de enige en actuele versie is, tenzij er handmatig een kopie gemaakt wordt.
Delen van bestanden kan op twee manieren:
  • via de knop 'Delen' rechtsboven in het scherm bij je tekstdocument, spreadsheet of presentatie
  • in de Google Drive 'verkenner' via de rechtermuisknop op de titel of het icoon van het bestand
Je voert de namen of e-mailadressen in van degenen met wie je het bestand wilt delen: de bijdrager(s). Daarbij geef je een van deze rollen:
  • de ander mag het document bewerken
  • de ander mag het document van opmerkingen voorzien
  • de ander mag het document alleen maar weergeven
De rol kan per persoon verschillen. Bij de bijdrager verschijnt het document in de map 'Gedeeld met mij'. De bijdrager kan het bestand in een eigen map plaatsen. Dit is dan nog steeds de enige versie met de maker als eigenaar. Verplaatsen in een map is alleen bedoeld om de vindbaarheid te vergroten.

Nadat je de ander hebt uitgenodigd kun je hem of haar ook eigenaar maken. Je bent dan zelf automatisch geen eigenaar meer, maar hebt een van bovenstaande drie rollen.

Je kunt de toegang tot het document voor de ander ook beperken tot een bepaalde periode, bijvoorbeeld 7 of 30 dagen. Dit kan nuttig zijn als je na een 'inspraakronde' zelf een definitieve versie wilt maken van een document.

Verder is er nog een optie 'Geavanceerd' (klik daarvoor op het woord). Hier kun je instellen of degene met wie je het document gedeeld hebt, het document op zijn of haar beurt weer verder mag delen of niet. Ook kun je nog wat beperkingen opleggen voor downloaden, afdrukken en een kopie maken. Dit zul je in de praktijk niet snel gebruiken.

Voor gedeelde mappen geldt: als je hierin een nieuw bestand aanmaakt, is dit automatisch voor dezelfde groep mensen beschikbaar onder dezelfde rechten.

Tot slot iets over het verwijderen van bestanden:
  • Als de eigenaar een bestand weggooit, krijgt degene met wie het bestand gedeeld is een waarschuwing. Deze bijdrager kan nog een kopie maken om eventueel verder te kunnen met het bestand. Deze kopie krijgt dezelfde bestandsnaam met als toevoeging 'teruggezet'.
  • Andersom: als de bijdrager het bestand weggooit ziet de eigenaar dat niet. Als eigenaar zie je dus nog steeds de naam van de ander in het lijstje staan. Wil je het bestand opnieuw delen met deze bijdrager, verwijder deze dan eerst uit de lijst van bijdragers en voeg hem of haar opnieuw toe.