16 september 2014

Studie-uitval voorkomen: hoe doe je dat?

Rosemarie Moonen
Elk jaar haalt ruim een kwart van de studenten in het hbo de propedeuse niet. ‘Slecht voor de betrokken studenten, maar ook voor de opleidingen’, zegt Rosemarie Moonen van Fontys Hogescholen in het interview dat ik met haar had. Thema van het gesprek was hoe onderzoek kan helpen om antwoorden te vinden voor deze problematiek.

Aanleiding voor het interview is het feit dat Rosemarie op dinsdag 30 september een presentatie houdt over dit onderwerp op het congres Kijk op Onderwijs | Het vergroten van studiesucces en -rendement met marketing. Het congres vindt plaats in het gebouw van Canon Nederland in ‘s-Hertogenbosch. Deelname aan het congres is kosteloos.

Je leest het interview onder andere op Blendle.
  1. Heb je nog geen account op Blendle? Maak er een aan en ontvang direct € 2,50 leestegoed. Daarmee lees je het interview en nog zo'n tien andere artikelen uit Nederlandse en internationale kranten en tijdschriften alvast gratis. Het aanmaken van een account is niet moeilijk, maar mocht je eerst even uitleg willen, bekijk dan deze YouTube-video.
  2. Heb je een account, ga dan direct naar het interview. Er wordt € 0,28 van je leestegoed afgeschreven.
Na het lezen kun je het artikel onder de aandacht brengen (delen) van andere Blendle-gebruikers of via sociale media (Twitter, LinkedIn, Facebook) of e-mail.

14 september 2014

Een fout die bijna iedereen maakt op Twitter

Ruim dertienduizend tweets, bijna zeven jaar op Twitter. En dan toch nog iets ontdekken dat je niet wist...

Rutger Bregman wees me er fijntjes op nadat ik een tweet verstuurde, waarin ik verwees naar een televisie-uitzending waarin hij te zien is. Ik begon die tweet met zijn accountnaam @rcbregman.


Een tweet die begint met een accountnaam is alleen te zien voor degenen die zowel jou als de betrokkene volgen. Maar deze was bedoeld voor al mijn volgers. Om die allemaal te bereiken, plaats je bijvoorbeeld een punt aan het begin van de tweet:


Uiteraard kun je ook de zin omgooien, zodat die niet meer met de accountnaam begint.

Gelukkig vond ik op internet uitleg over dit gegeven in een blog met als titel 'The One Mistake Almost Everyone Makes'. Sta ik niet alleen in mijn hemd. Een grappige case in elk geval voor mijn workshops over sociale media ; )

13 september 2014

M@LT: mediawijsheid voor leerkrachten

Hoe kun je beoordelen of je een bron kunt vertrouwen? Wat plaats je wel en wat niet op sociale media? Hoe gebruik je internet optimaal voor je eigen deskundigheidsbevordering? Het zijn enkele van de vragen die aan bod komen in het online pakket M@LT.

M@LT is een gratis onderdeel van Teachers Channel bedoeld om leerkrachten te helpen bij het werken aan hun eigen deskundigheid op het gebied van mediawijsheid.

Het pakket bestaat uit een competentie-assessment en een e-learning cursus. Op basis van de resultaten van het assessment, krijgt de deelnemer een advies voor het volgen van een of meer van de vier e-learning modules begrip, gebruik, communicatie en strategie. Dit zijn thema's uit het veelgebruikte competentiemodel mediawijsheid van Mediawijzer, dat als onderlegger heeft gediend voor de e-learning modules, die twee uur (module gebruik en strategie) of drie uur (module begrip en communicatie) in beslag nemen.


Aan M@LT hebben organisaties en adviseurs op het gebied van mediawijsheid meegewerkt. Ook ik heb een steentje bij mogen dragen.

Aan de slag met M@LT? Dit is wat je moet doen...
  • Ga naar https://teacherschannel.nl.
  • Maak een gratis account aan door rechtsbovenin op 'Log in' te klikken en rechtsonder via 'Registreer' een nieuw account te creëren.
  • Als je bent ingelogd, ga je in de blauwe horizontale menubalk naar 'Assessments'.
  • Daar kies je de 'Competentieset Mediawijzer'. 
  • Volg de instructies en maak het assessment.
  • Match je resultaten met de algemene maatstaf geldend voor PO/VO-leerkrachten.
  • Volg het opleidingsadvies door (een van) de e-learning cursussen van M@LT te volgen. Je kunt deze gratis aanschaffen door op 'Voeg toe' te klikken naast de overkoepelende opleiding.
  • Je vindt de materialen vervolgens terug bij 'Mijn opleidingen' onder de button 'Mijn Teachers Channel' in het blauwe horizontale menu.

12 september 2014

Nocrastinatie

Er valt altijd wat te lezen, te kijken, te luisteren.
Er is altijd wat te doen.
Er is altijd wat te schrijven, te tekenen, te spelen, te maken.
Er is altijd iemand om mee te praten, naar te luisteren.
Er zijn altijd nog die plannen.
Voor als ik tijd over heb.
Er is altijd meer.
Meer informatie.
Meer 'dit moet je zien'.
Meer taken en taakjes.
Altijd meer te doen.

Dingen kunnen morgen.
Dingen kunnen ooit.

Maar ik plan, dus ik ben.
Elke dag hokjes aan het kleuren.
Lijstjes aan het strepen.
Keurig op tijd klaar met wat moet.

Tijd voor wat anders.
Maar altijd weer iets.
Het nietsdoen.
Ik blijf het maar uitstellen.

Want je kunt altijd nog.
Een nieuw woord bedenken.

Bijvoorbeeld voor dit.
Nietsdoen kan morgen.
Nietsdoen kan ooit.

En nocrastinatie heeft.
Nog geen hits op Google.
Dus...


06 september 2014

Ard Nieuwenbroek: 'Altijd op zoek naar écht contact'

Ard Nieuwenbroek is een vertegenwoordiger van het gedachtegoed van de contextuele benadering. Therapeut, schrijver, uitgever, adviseur, spreker. Een man met onderwijs in het bloed. Deze maand wordt hij 65 jaar en neemt hij afscheid van zijn bedrijf Ortho Consult. ‘Ik verruil het podium voor de coulissen.’ Een mooie gelegenheid voor een wat langer interview.

Je leest het interview onder andere op Blendle.
  1. Heb je nog geen account op Blendle? Maak er een aan en ontvang direct € 2,50 leestegoed. Daarmee lees je het interview en nog zo'n tien andere artikelen uit Nederlandse en internationale kranten en tijdschriften alvast gratis. Het aanmaken van een account is niet moeilijk, maar mocht je eerst even uitleg willen, bekijk dan deze YouTube-video.
  2. Heb je een account, ga dan direct naar het interview. Er wordt € 0,28 van je leestegoed afgeschreven.
Na het lezen kun je het artikel onder de aandacht brengen (delen) van andere Blendle-gebruikers of via sociale media (Twitter, LinkedIn, Facebook) of e-mail.

04 september 2014

Voor scholen in dubio: tablets of laptops?

Op de basisschool van Werkplaats Kees Boeke in Bilthoven. Op tafel de Prowise tablet (rechts) en de Skoolmate.
Welke type apparaat past het best bij je onderwijs: een tablet of een laptop? Wat zijn de belangrijkste voor- en nadelen van beide apparaten? En zijn er ook alternatieve oplossingen? Voor Blendle zette ik een en ander op een rijtje, onder andere aan de hand van interviews met schooldirecteur Jeroen Goes en ondernemer Leendert van der Plas. Lees het verhaal hier (niet goed, geld terug).

Uitleg nodig over Blendle? Klik hier! Het artikel de moeite en het geld waard, vertel het anderen!



03 september 2014

3D-reciprociteit

Ik krab jouw rug, jij krabt de mijne. Dat is het idee van reciprociteit. De een levert een dienst aan de ander, en de ander krijgt die direct of na enige tijd teruggeleverd.

In 1986 maakte Richard Dawkins (foto rechts, bron: BBC) een BBC-documentaire over dit idee. In het 45-minuten durende programma legt hij op een kraakheldere manier concepten als het gevangenendilemma en de tragedie van de meent uit, die samenhangen met reciprociteit.

Ook laat hij zien dat zelfzuchtigheid en altruïsme niet elkaars tegenovergestelde zijn. Je kunt de ander immers ook helpen vanuit de intentie er samen, dus ook zelf beter van te worden. In de natuur zie je dit principe terug, waarbij volgens Dawkins de meest succesvolle organismen:
  • beginnen met diensten leveren aan iedereen (voordeel van de twijfel);
  • verder samenwerken met hen die ze ook terugleveren;
  • de samenwerking stoppen met hen die dat niet doen.
Conclusie van Dawkins en titel van de documentaire: 'Nice Guys Finish First'.

In de meeste voorbeelden in de film is er sprake van een tweerichtingsverkeer tussen twee partijen, zoals:
  • twee kampen in de Eerste Wereldoorlog die elkaar tijdelijk rust gunnen tijdens Kerst
  • een anemoon die een clownvis bescherming geeft en er voedsel voor terugkrijgt
Het kan ook complexer. Dawkins laat zien hoe een aantal computerprogramma's met verschillende karakters het Gevangenendilemma-spel spelen. Met meer complexiteit kunnen we onze ingewikkelde sociale werkelijkheid beter verklaren. En er nieuwe mogelijkheden voor ontdekken om verder te komen. Ik schreef bij wijze van voorbeeld recent al een blog over een soort dienstennetwerk waarbij degenen die diensten leveren die teruggeleverd krijgen op een ander moment én niet per se van dezelfde persoon. In de meest eenvoudige vorm:
  • A levert aan B
  • B levert aan C
  • C levert aan A
Het beste begrip dat ik hiervoor kan bedenken is 3D-reciprociteit. En het is tegelijkertijd nog kwetsbaarder én potentieel krachtiger dan de 2D-variant. Het begint met het voordeel van een grotere twijfel: je geef iets weg en hebt nog minder een beeld van of er ooit iets terugkomt. Maar de kracht zit hem in het feit dat:
  • jij ook levert als degene aan wie je levert toevallig niets waardevols terug te bieden heeft (nu niet of helemaal nooit)
  • iemand die iets waardevols te bieden heeft, maar voor wie jij niets waardevols kunt doen, je toch zou willen helpen
De kracht van 3D-reciprociteit wordt op dit moment misschien wel het best geïllustreerd door de hoeveelheid kennis die we als mensheid in de laatste 15 jaar met en voor elkaar hebben ontsloten. Veel van het werk dat daar in zit is gedaan, zonder te weten of het ooit wat op zou leveren. Denk maar aan het Wikipedia-project. Tegelijkertijd weet ik zeker dat het internet nu al praktisch iedereen meer heeft opgeleverd dan hij of zij er individueel aan heeft bijgedragen. En we zijn nog lang niet bij de finish!

30 augustus 2014

Beerse ict-club is leren van elkaar

We zijn ondertussen met zijn tienen. Negen jongens - ja, helaas alleen nog jongens op dit moment - van 10 tot 18 jaar. Ze reageerden op mijn oproepje in het lokale sufferdje. Ik ben de initiatiefnemer en begeleider. Een 48-jarige die ooit wat geprutst heeft met Basic, vlot is met HTML en in het algemeen redelijk handig met computers, maar allerminst een expert op het gebied van programmeren en het openmaken van kastjes met via kleurrijke draadjes verbonden onderdeeltjes. Die, zeg maar, bij het begrip 'micro-elektronica' vooral terugdenkt aan hoe dat woord klonk uit de mond van Chriet Titulaer, maar in de jaren negentig overstapte naar de comfort zone van Apple.

En de jongens? De een zit nog op de basisschool, speelt games, maar wil eigenlijk wel wat constructievers kunnen met een pc. De ander heeft zojuist een Wii-controller geschikt gemaakt als afstandbediening voor een Raspberry Pi-computertje. Oh ja, en hij wil wel eens proberen of hij Linux op mijn oude iMac kan installeren. Ze hebben een matelose interesse voor een vakgebied dat voor de toekomst uitermate relevant is, maar dat op school nauwelijks aandacht krijgt. N=10.

Elke week komen we bij elkaar. We hebben dan een challenge als hoofdactiviteit: haal een pc uit elkaar, monteer de onderdelen op een plank, sluit de boel weer aan en kijk of je het ding aan de praat krijgt. Een soort reverse engineering. Of: dit is de app en website IFTTT.com. Bedenk een nuttige toepassing. Of: bouw een database met de gegevens van de leden en presenteer hun adressen op een Google Map.

Tijdens de bijeenkomsten is er ook ruimte om samen een probleempje op te lossen of ideeën te bespreken. Zo is er een lokale ondernemer die wel een app wil hebben. Kunnen we die maken en moeten we er een vergoeding voor vragen? Of: wie heeft er nog een werkende monitor staan?

We leren allemaal. De clubleden leren van de gastdocenten en van elkaar. Samen zoeken we naar goede bronnen op het internet. Zoals Codecademy dat gratis online cursussen biedt om de basics van programmeertalen te leren. Ik doe mee, meestal in een net wat lagere versnelling. Als begeleider hoor ik bovendien van alles over de laatste trends (games kopen via Steam) en leer ik mee als we een gastdocent hebben.

Het is erg leuk om mijn achtergrond als docent op deze manier in te zetten: met een razend gemotiveerde groep ('Hé jongens, moeten we niet een keer pauzeren?') samen op ontdekkingsreis. Voor de manier van begeleiden laat ik me vooral inspireren door het SOLE-concept van professor Sugata Mitra. Ook gebruik ik mijn netwerk. Ik probeer de jongens uit te dagen de lat net wat hoger te leggen, vindt de zoektocht om continu rekening te houden met verschillen in kennis en ervaring razend interessant. En geef ook aandacht aan sociale vaardigheden ('Hé joh, geef die gastdocent even een hand.') en andere nuttige competenties: een kasboek bijhouden, een subsidie aanvragen enzovoort.

De jongens hebben zelf de naam voor de club bedacht: Beers' Hackwerk (waarbij hacken in de oorspronkelijke betekenis is bedoeld!), een knipoog naar een belangrijke industrie in de regio. Voor de komende maanden hebben we een mooie startsubsidie ontvangen van Puur voor Jongeren. Mocht je nog tips hebben voor activiteiten, een leuk idee voor een challenge, laat het weten via een comment op deze blog.

(De ict-club komt ook terug in mijn bijdrage aan het komende maand te verschijnen boek 'Onderwijshelden'.)

28 augustus 2014

Leven met Parkinson dankzij Deep Brain Stimulation

Ik heb altijd al een bijzondere belangstelling gehad voor levensverhalen. Daarom was ik blij met de vraag, ruim een jaar geleden alweer, van dorpsgenoot Jan Mulders. Of ik hem wilde helpen met het redigeren en uitgeven van het boek dat hij aan het schrijven was over zijn ervaringen met de ziekte van Parkinson en de Deep Brain Stimulation-operatie die hij heeft ondergaan.

Het boek is klaar. Een nieuwe titel op de plank van InnoDoks Uitgeverij. Titel: 'Van 28 tabletten naar DBS. Leven met Parkinson na Deep Brain Stimulation'

Het verhaal: op 39-jarige leeftijd werd bij Jan (1959) de ziekte van Parkinson vastgesteld. Parkinson is een ziekte waarbij de zenuwcellen in de middenhersenen langzaam afsterven. Deze zenuwcellen zijn belangrijk omdat ze de stof dopamine produceren. Dopamine zorgt ervoor dat het lichaam de juiste ‘bevelen’ krijgt om de opdrachten van de hersenen uit te voeren, zoals die om te lopen of iets vast te pakken. Parkinson is een progressieve ziekte: de symptomen worden langzaamaan ernstiger. Genezing is nog niet mogelijk. Behandeling en medicijnen zijn er dan ook op gericht om de symptomen te bestrijden en zo de kwaliteit van leven van de patiënt te verbeteren.

Na jarenlang pillen slikken vond Jan dat die kwaliteit van leven voor hem steeds meer in het gedrang kwam. Na enig zoekwerk en investeren in een second opinion ontdekte hij de mogelijkheid om in Antwerpen een Deep Brain Stimulation-operatie te ondergaan. Hierbij worden elektroden in de hersenen aangebracht. Deze technologie helpt de symptomen van Parkinson te bestrijden. 

Jan neemt de lezer mee in een kort, maar krachtig en zeer persoonlijk verhaal over zijn bijzondere ervaringen voor, tijdens en na de operatie.

'Parkinson: van 28 tabletten naar DBS, een leven voor en na deep brain stimulation' is een uitgave van InnoDoks Uitgeverij. ISBN 978-94-90484-07-1. NUR 402. Paperback, 48 bladzijden. Het boek kost € 14,95 en is onder andere verkrijgbaar in mijn webshop Boekenwerk.

22 juli 2014

Sociale media als hulp bij duiding van het nieuws

Sensatiezucht, misleiding, voyeurisme… als je de traditionele media mag geloven is de wereld van sociale media een poel des verderfs als het gaat om nieuws. Maar het ligt er natuurlijk maar aan hoe je sociale media gebruikt. Hoe kan de online wereld juist helpen bij het volgen en duiden van het nieuws?

Een zondagavond, 4 oktober 1992, een vrachtvliegtuig van de Israëlische maatschappij El Al stort neer op een flatgebouw in de Amsterdamse Bijlmer. De media doen verslag; internet is nog niet beschikbaar voor de gewone burger. We moeten het doen met krant, radio en televisie. Afgelopen donderdagavond, de ramp met vlucht MH17. Het begin van veel verdriet, maar ook van willen weten en willen begrijpen. De media doen verslag. Tegelijkertijd vult een tsunami van berichten de tijdlijnen op Facebook en Twitter. Inderdaad: veel sensatie, misleiding, voyeurisme. Maar ook verwijzingen naar nuttige bronnen, zoals een overzichtelijke analyse op de website van de New York Times die continu wordt geupdate. Wikipedia heeft vier dagen later een lemma over de ramp van 3000 woorden, met 70 verwijzingen. Kunnen sociale media helpen om het nieuws te volgen en te duiden? Ja, dat kan. Mits ze wijs gebruikt worden.

Meer ogen zien meer
Sociale media bieden toegang tot oneindig veel personen en organisaties: van de officiële kanalen van kranten en radio- en tv-zenders tot de Twitter-accounts van individuele professionele journalisten, zoals correspondent Olaf Koens. Maar ook het Facebook-account van een vriend wiens kritische meningen je waardeert of die ene Twitter-gebruiker die fanatiek de Russische media volgt en erover bericht. Het palet aan feiten, meningen en interpretaties is groter dan ooit. Overweldigend, verwarring brengend, maar ook helpend, verhelderend. Er zijn meer ogen die meer zien. En sociale media zijn snel. Kort na de toespraak van minister Timmermans voor de Verenigde Naties gisteren werd een audio-opname gedeeld. Ik beluisterde de indrukwekkende speech met in het achterhoofd de vraag waarom deze niet live uitgezonden werd bij de publieke omroep. Om meer te zien: volg (tijdelijk) een aantal onafhankelijke journalisten of deskundigen. Ik volg bijvoorbeeld sinds enkele dagen Geert Jan Hahn, die allebei is. Als slavist en freelance journalist schreef hij voor TPO Magazine een goede analyse over het inmiddels bekende beeld van de rebel met de knuffelaap. Met een invalshoek die andere media nog niet hadden gemaakt. Tegelijkertijd: ontvolg degenen die je in de war brengen of irriteren.

Durf te vragen
Waarom kennen wij geen dag van nationale rouw? Het klinkt alleszins als een oprechte vraag. Het onderwerp was op 18 juli nog niet uitgebreid ter sprake gekomen in de media, toen de vraag gesteld werd door Remco Beekmans op Twitter. Twitter is hét medium om een vraag voor te leggen aan een netwerk van volgers. Niet alles dat je wilt weten is immers (gemakkelijk) te vinden met een zoekopdracht in Google. De drempel om een vraag te stellen op Twitter is laag. Als je durft, want je wilt uiteraard niet onnozel voorkomen. Maar een goede vraag wordt gewaardeerd, bijvoorbeeld met een ‘retweet’, waardoor de kans op een goed antwoord groter wordt. Zeker als je ook nog de hashtag #dtv of #durftevragen gebruikt. Een van de antwoorden: 1962, de dag van de begrafenis van Wilhelmina, was de laatste dag van nationale rouw in Nederland.

Kritische, alerte meekijkers
Sociale media bieden toegang tot een schare kritische meekijkers. Stel, je keek gisteren naar de actualiteitenrubriek 1Vandaag en zag er een journaliste rondsnuffelen in de persoonlijke spullen van slachtoffers van de ramp. Je denkt even: ben ik nu gek of zijn zij het? Je meekijkers helpen je om het unheimische gevoel te verklaren. Zij zijn gek. Een storm van kritiek barst los online, hashtag #1vandaag is even trending. Even later blogt de hoofd- en eindredactie van het programma excuses. Kritische meekijkers stellen ook vragen over wat andere media niet of nauwelijks melden. Zoals: waarom komen de VS niet met de harde bewijzen die ze zeggen te hebben? Of: hoe kan het dat de leverancier van het wapentuig dat hoogstwaarschijnlijk gebruikt is bij de aanslag in Nederland gevestigd is met alle belastingvoordelen die daarbij horen. Kritische meekijkers zijn ook de alerte bewakingscamera’s die waarschuwen voor misleiding. Een video van vlucht MH17, neergehaald door raket van pro-Russische militanten. Een aankondiging, gedeeld door een ‘vriend’ op Facebook. Ik vertrouw het niet. Na even zoeken vind ik een melding op Hoax Wijzer: ‘De video bestaat helemaal niet, maar stuurt je door naar online enquêtes, abonnementenwebsites, of laat je een virus vermomd als “videoplayer” downloaden en installeren.’ Meekijkers op Twitter waarschuwen voor de nepaccounts van slachtoffers op Facebook, bedoeld om te verdienen aan andermans leed.

Dialoog
Tot slot. Debatteren is twee meningen tegenover elkaar zetten en uitwerken, dialoog is samen komen tot betere antwoorden. Op zijn best is sociale media als zich een dialoog ontspint over een heikel vraagstuk. Zoals over de ethiek van traditionele én sociale media in de situatie waarin we ons nu bevinden: wat is bijvoorbeeld nog oprecht medeleven en wat is aandachttrekkerij? Of welke woorden gebruiken we om deze gebeurtenis te beschrijven? Wat er gebeurd is met de MH17… moet je dat wel een ‘ramp’ noemen? Of moeten we het hebben over een ‘aanslag’? En: hoe kunnen sociale en traditionele media samen bijdragen aan waarheidsvinding?

Zie ook: De Volkskrant over sociale media en de ramp (blog).

Met dank aan Loek Mak-Peters, Karin Winters, Tom Beek, Jonneke Krans, Nettie Kramer, Adriënne de Kock en Marieke Westerterp voor de reactie op mijn vraag op Twitter.