28 januari 2015

Project: spelenderwijs leren over sociale media voor docenten



Twitter, Facebook, LinkedIn... er zijn docenten voor wie het allemaal nog onontgonnen terrein is. Dat kan eigenlijk niet meer, vinden Steven, Stefan, Mark, Ismaël, Bob, Thomas en Bryan, eerstejaars studenten aan de lerarenopleiding ICT van de Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool, een van mijn oude werkgevers. In het kader van hun opleiding ontwikkelden de studenten een spel, dat ze vandaag presenteerden aan hun docenten en een aantal belangstellenden. Een serious game, bedoeld om leraren de benodigde kennis bij te brengen en ze tot meer gebruik van sociale media in de les te krijgen. 

Fragment uit de handleiding van het spel. Bron: Do IT

Ik gooi 1 en verplaats mijn 3D-geprinte pion naar het volgende vakje op het kleurrijke, Levensweg-achtige spelbord. We spelen een ronde over Twitter; zelf uitproberen is een onderdeel van de presentatie. Ik pak een kaart, die ik aan een van mijn tegenspelers moet geven. Die leest vervolgens de kennisvraag aan de achterkant voor: met welk teken kan ik rechtstreeks naar iemand antwoorden? Als ik goed geantwoord heb, mag ik het blokje op mijn scorebalk een vakje naar rechts schuiven.

Acht weken werkten de studenten als het gezamenlijke bedrijf Do IT samen aan het spel. Ze bedachten het concept, maakten prototypes en ontwierpen een definitieve versie. Op tafel ligt het resultaat: een bord, 65 spelkaarten, pionnen, een dobbelsteen. Maar er is meer, zo blijkt al snel tijdens de presentatie.

Via een bijbehorende website hebben spelers tijdens het spelen toegang tot een bijbehorende website met uitlegvideo's, die bekeken moeten worden als de speler op het vakje met het video-icoon komt. Op de website staan ook simulaties waarbinnen je kleine opdrachten moet uitvoeren: een account aanmaken, iemand volgen. Omdat je in een nagemaakte versie werkt van bijvoorbeeld Facebook, kan er niets fout gaan. De thema's Twitter, Facebook, LinkedIn zijn speelklaar, maar het spel is gemakkelijk uit te breiden met kaarten, video's en simulaties voor andere sociale media.

De spelkaarten sluiten aan bij verschillende niveaus in het spel. Je begint op 0, gaandeweg worden de vragen in vier etappes moeilijker. Er zijn ook verschillende typen kaarten: behalve kennisvragen komen er lestips en discussiestarters voorbij. Wat zijn bijvoorbeeld de do's en don'ts voor Facebook-gebruik in het onderwijs? De handleiding geeft naast uitleg uitgebreide verantwoording, onderbouwd met theorieën en modellen uit de onderwijskunde. De taxonomie van Bloom komt voorbij, het model van Fogg. Anders dan in een gewoon spel gaat het niet om winnen. Spelers worden uitgedaagd elkaar te helpen met het beantwoorden van vragen en om met elkaar in discussie te gaan.

De studenten van Do IT hebben een knap staaltje werk geleverd in relatief korte tijd. 'Slapeloze nachten' waren onderdeel van het proces. Maar ach, het resultaat is er. Wat mij betreft - met nog wat finetuning - erg geschikt om de scholen te gaan benaderen.

Begeleidend docent voor dit project is Rick Vermulst.

24 januari 2015

Zitten: het nieuwe roken in de klas



Je eerste stapjes zijn nog reden voor een feestje. Een kleine overwinning op de zwaartekracht; een grote sprong naar zelfstandigheid. Dan ga je naar school. Bij elke stap spreekt de juf of meester je ineens vermanend toe. ‘Blijf nou eens zitten!’ Maar wacht even… bewegen is toch belangrijk, gezond?

Voor Blendle maakte ik een artikel over bewegen en school, naar aanleiding van diverse recente publicaties, zoals het afgelopen vrijdag verschenen rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau en een eigen enquête onder 35 leraren uit basis- en voortgezet onderwijs. Conclusie: vooral leerlingen in de middelbareschoolleeftijd bewegen te weinig, thuis en op school.

Je leest het artikel via deze link.



Tip: lees dit artikel, 20 eerder verschenen artikelen van mijn hand en alle artikelen van mijn collega's op TPO Magazine door een abonnement te nemen. 


  • 1 maand: € 2,69
  • een half jaar: € 14,99
  • een jaar: € 23,99

Je hebt uiteraard ook toegang tot alle nog verschijnende artikelen gedurende de gekozen abonnementsperiode. 

De artikelen kun je lezen op de TPO Magazine website of in Blendle door je abonnement te koppelen aan Blendle. 

Tijdelijk ontvang je bij een abonnement het boek 'Het beste van TPO Magazine' (ePUB-formaat).

23 januari 2015

Talent in 3 levels mét 3 uitdagingen

Talentontwikkeling en onderwijs... dat gaat natuurlijk hand in hand. Zou je zeggen. Immers, aan de hand van zowat elke schoolgids kun je met gemak een A4'tje vol turven met het aantal keren dat het woord 'talent' in de mond wordt genomen. We vinden het allemaal belangrijk: de overheid, het bedrijfsleven, ouders. Talent, talent, talent.

De vraag hoe je met talent omgaat is echter nog niet gemakkelijk te beantwoorden. Ik vind het wel een razend interessante vraag. Afgelopen woensdag hield ik een lezing over dit onderwerp op de eerste bijeenkomst van het Talentnetwerk Utrecht - West-Gelderland, onderdeel van het door de overheid geïniteerde project Talent Stimuleren. Ik schetste drie levels (de drie O's):
  1. Ontdekken wat je talent is.
  2. Ontwikkelen van dat talent.
  3. Je uiteindelijk onderscheiden met dat talent.
Op elk level zijn leraren en leerlingen in voortdurende wisselwerking samen actief.

Om talenten te kunnen ontdekken moet de leraar zorgen voor een breed aanbod van kennis, inspiratie, activiteiten. Bovendien moet hij of zij vraagarticulerend te werk gaan. Aan de oppervlakte kun je lang niet altijd zien of iets je aanspreekt. De leerling moet openstaan voor nieuwe ervaringen, nieuwsgierig zijn.

Om je talent te ontwikkelen moet je door de taaie stof heen, de basis leren, accepteren dat je eerst moet leren om dan pas te kunnen excelleren. Doorbijten dus, met een flinke dosis zelfdiscipline. Leraren helpen je steeds weer in de zone van naaste ontwikkeling, dat productieve gebied tussen wat je al verworven hebt en nog moet verworven. Ze volgen je, geven je feedback over je voortgang.

Om je met je talent te onderscheiden heb je passie nodig. In de betekenis zoals Jef Staes die zo mooi gebruikt: de wil om te lijden voor je talent. Uren studeren op dat ene detail. Doorgaan tot het lukt. Je hebt daarvoor coaches nodig die je tot die hoogte kunnen brengen door je uit te dagen, door voor te leven hoe je poetst tot je uitblinkt.

We hebben meer dan ooit de middelen en de kennis om nog beter om te gaan met talent. Ontdek en leer alles wat je wilt met apps, video's en online colleges. Werk samen met talenten wereldwijd via internet. Stel online je vragen en uit je wensen. Enzovoort. Ik vat dat samen met de vraag: 'Wat als alles kan?'

Maar... met alle nieuwe mogelijkheden om talent te ontdekken, te ontwikkelen en je ermee te onderscheiden, komen ook nieuwe vragen, die staan geschreven op de keerzijde van de medaille.

Ontdekken
Er is te veel te ontdekken. Hoe ga je om met die stortvloed van mogelijkheden? En als je ze bestookt met een continue stroom van aanbod, wanneer komen jonge mensen dan nog tot de verveling die nodig is om energie en creativiteit op te doen, te mijmeren, te reflecteren? Hoe moeten ze kiezen als al die mogelijkheden in korte, hapklare brokjes voorbij komen?

Ontwikkelen
We hebben zoveel kennis en vaardigheden nodig om überhaupt mee te kunnen draaien in een steeds complexere wereld, dat veel tijd te steken in het ontwikkelen van je talent gemakkelijk ten koste gaat van onderontwikkeling van wat je ook allemaal moet kennen en kunnen. Hoe verdeel je je aandacht?

Onderscheiden
De wereld is het speelveld geworden. Talent concurreert over alle grenzen heen in een duizelingwekkende rat race. Allemaal hebben ze toegang tot dezelfde informatie, dezelfde bronnen. De visvijvers zijn groot, de keuze alles op alles te zetten om gevangen te worden voelt als een zware gok. Stel je een schaatstalent voor en de ambitie een keer de Elfstedentocht te winnen.

Als alles kan, verwachten we veel. Hoge verwachtingen stimuleren talent, maar kunnen ook verlammend werken. Het maakt talentontwikkeling tot dansen op een koord voor twee acrobaten: de leerling en de leraar. Welke stappen zet jij?

21 januari 2015

Congres 'Gamers zijn geen losers'


Op 4 februari vindt in Amersfoort het onderwijscongres ‘Gamers zijn geen losers’ plaats. Het congres is bedoeld voor onderwijsprofessionals en geeft een inkijk in de interactieve wereld waarin jongeren zich meer en meer begeven.

Met Herm Kisjes, collega-auteur van twee boeken over gamen, verzorg ik een korte inleiding. Daarnaast ga ik in op de vragen wat we kunnen leren van de aantrekkingskracht van games.

Verslavingsdeskundige Tony van Rooij (IVO) legt uit waarom gamen problemen geeft. Systeemtherapeut Steven Pont vertelt over gamen vanuit het perspectief van hechting en verlangen. Daarnaast zal Manuel Schenkhuizen (foto rechts) acte de presence geven. Schenkhuizen is professioneel gamer. Hij doet mee aan internationale wedstrijden. Wat spelen jongeren, waarom spelen jongeren? En, hoe word je als gamer wereldkampioen? Maak alvast kennis met Manuel Schenkhuizen via dit interview in Blendle: 'Mooi winnen als het kan' (pay per view).

De sprekers op dit congres nodigen deelnemers uit om met een hernieuwde blik naar gamende leerlingen te kijken… Voor elke deelnemer is een ePUB-exemplaar beschikbaar van het boek 'It's all in the games. Gamen is geweldig | Gamen geeft problemen'.

08 januari 2015

Het wonder van Biesheuvel

Meer fictie lezen. Want fictie vertelt vaak meer over de werkelijkheid dan non-fictie. Althans, dat heb ik eens geschreven. Het idee nestelde zich in mijn gedachten in de donkere, laatste dagen van het jaar. Het was kerstvakantie: ik las Tommy Wieringa.

Aan het begin van dit nieuwe jaar ontdekte ik op Twitter de hashtag #boekperweek. Het klonk voor mij als een een SMART geformuleerd doel om van een vaag idee of goed voornemen werk te maken: zorg er simpelweg voor dat je aan het eind van het jaar 52 of 53 boeken gelezen hebt.

Ik had nog wel wat literatuur liggen, maar bedacht ook dat er een schatkamer aan prachtige boeken staat in mijn ouderlijk huis, om precies te zijn in een kast op de studeerkamer van mijn vader. Die kamer is nog helemaal in de staat waarin hij hem in 2006, vlak voor zijn overlijden, nog gebruikte. En ze staan er allemaal: Boon, Elsschot, Mulisch, Campert...

Vanochtend ging ik op de koffie bij mijn moeder en zocht zonder veel nadenken vier boeken uit. Grunberg omdat ik van hem nog steeds niets gelezen heb, Pointl omdat ik zijn debuutroman destijds zo goed vond, Garcia Márquez omdat diens Canon-van-de-wereldliteratuur-klassieker 'Liefde in tijden van cholera' ontbreekt in mijn leesgeschiedenis. En Het wonder van Maarten Biesheuvel. Wat heb ik in mijn studententijd genoten van zijn boeken en zijn voordrachten voor de VPRO-radio. En ja, het is met 140 pagina's een handig boekje om in een drukke werkweek de #boekperweek-doelstelling niet in gevaar te brengen.

Nu een wondertje.

Bij het openslaan van het boekje zie ik op het schutblad de handtekening van mijn vader. Een echte, sierlijk robuuste, zo een die er altijd en overal exact hetzelfde uitzag. Dus niet dat instabiele krabbeltje waarmee ik mezelf authenticeer op officiële documenten. Onder de handtekening: "maart 1995, Utrecht".

Dan lees ik op pagina 7 de allereerste zin uit het eerste boek dat ik heb gekozen uit vier boeken die ik ruim 8 jaar na het overlijden van mijn vader heb gekozen uit de honderden boeken in zijn boekenkast:
"Vader; je bent nu dood, maar deze geschiedenis herinner je je nog wel."

04 januari 2015

De wurggreep die zichzelf in stand houdt

Ik lees momenteel 'Verandering van tijdperk' waarin Jan Rotmans zijn ideeën over de kantelende samenleving uiteenzet.

Een zin in het hoofdstuk over de gezondheidszorg triggerde mijn gedachten:

"De relatie tussen zorgverlener en zorgvrager was ooit gebaseerd op vertrouwen, aandacht, passie en bezieling. Die relatie is verworden tot een relatie tussen zorgleverancier en cliënt op basis van kosten, doelmatigheid, efficiency en afrekenbare doelen."

Het ging me niet om de gemakkelijk te bedenken parallel met het onderwijs.

Wel om gedachte dat de betrokken partijen (leverancier en klant) vooral gezamenlijk een vicieuze cirkel hebben laten ontstaan die inmiddels het systeem kenmerkt dat we hebben gebouwd in de relatie tussen leverancier en klant, in zowel zorg als onderwijs.
  1. Als klant eisen we van zorg en onderwijs steeds meer meetbare kwaliteit, bewijslast enzovoort. Voorbeelden: ouders hunkeren naar hoge CITO-scores voor hun kinderen; we eisen inzicht in de resultaten van een ziekenhuis.
  2. Organisaties in zorg en onderwijs kunnen niet blijven bestaan als ze vervolgens geen goede cijfers en meetbare resultaten kunnen presenteren. Alle energie gaat daar vervolgens naartoe, want een arm om de schouder van een patiënt of aandacht voor creativiteit in het onderwijs is immers niet zo meetbaar. Daarbij komt nog dat deze organisaties keihard worden afgerekend als er iets misgaat in bijvoorbeeld een vastgelegde procedure. Investeren in en produceren op "kosten, doelmatigheid, efficiency en afrekenbare doelen" loont omdat wij klanten (1) dat eisen.
In deze wederzijdse wurggreep zit de paradox besloten dat zowel klanten als leveranciers eigenlijk niet gelukkig zijn met de situatie. "Vertrouwen, aandacht, passie en bezieling" maken het in alle opzichten beter zowel voor leverancier als voor klant. We weten het, maar...

Ondertussen maakt technologie het alleen maar gemakkelijker cijfers te genereren, te presenteren, te vergelijken. Dit zorgt ervoor dat bovenstaande 'ratrace' in een steeds hogere versnelling gaat. De boel zal oververhit raken als we niets doen. We kunnen erop wachten tot de boel ontploft of ervoor kiezen samen een radicaal andere manier van werken te zoeken. Gemakkelijk is dat niet.


02 januari 2015

Kritisch kijken: hoe revolutionair is sociale media?

Ze zijn behoorlijk populair op conferenties, studiedagen en in workshops: de filmpjes waarin - ondersteund door een opzwepend muziekje - spectaculaire statistieken zijn verpakt over de opkomst van sociale media. Perfect geschikt om de boodschap over te brengen dat organisaties en professionals iets moeten met sociale media...


... maar er kunnen ook kritische kanttekeningen bij worden geplaatst. Zo blogde Mark Pack in 2010 over de in dit soort filmpjes veelgebruikte claim dat het voor radio veel langer duurde om 50 miljoen gebruikers te krijgen dan het internet. "Er liepen aanzienlijk minder mensen rond op de aardbol in de tijden van de radio. 50 miljoen gebruikers toen was in feite veel meer dan 50 miljoen mensen nu." Ook schrijft hij dat de vergelijking niet klopt omdat de cijfers voor radio gaan over de Verenigde Staten en die voor het internet over de hele wereld.

In bovenstaand filmpje (uit 2010) wordt gesteld dat nieuws en producten ons vinden in plaats van andersom. Het is waar dat het internet (Google, Facebook) leert van ons (consumenten)gedrag. Maar ervaring leert dat het internet nog helemaal niet zo goed is om daar relevante advertenties aan te koppelen. Wie op basis van een zoekopdracht naar schoenen schoenen koopt, krijgt via Google nog wekenlang advertenties voor schoenen te zien (die je ondertussen niet meer nodig hebt). En de advertenties die je in Facebook te zien krijgt, zijn vaker niet dan wel relevant. Vandaag voor mij: studeren bij InHolland (ik ben autodidact én er zijn geografisch gemakkelijker te bereiken studiemogelijkheden) en Weight Watchers (afvallen, moi?).

Laat je leerlingen of studenten eens kritisch kijken naar zo'n filmpje. Welke relevante boodschap halen ze eruit, maar ook: waar zitten wat hen betreft de zwakke claims?

29 december 2014

Buizerd op de schaatsbaan

Ik zag Ireen Wüst schaatsen en dacht aan een buizerd. Dat moet ik even uitleggen, waarschijnlijk.

Sinds 2008 heb ik iets met buizerds. In juni van dat jaar werd ik aangevallen door een exemplaar van deze imposante roofvogelsoort tijdens een looptraining in de bossen. Een moeder die haar nest verdedigde met net genoeg machtsvertoon. Tijdens mijn rondjes in de natuur zie ik ze sindsdien regelmatig opvliegen. Inmiddels heeft de schrik voor een waarschuwende tik op mijn schedel van een krachtige klauw plaats gemaakt voor ontzag en bewondering. Ik kijk geboeid hoe een buizerd ondanks het grote lichaam snelheid maakt met trage, gecontroleerde bewegingen van de vleugels die samen een spanwijdte vertegenwoordigen van zo'n 130 centimeter. Hoe ze in alle stilte landt op een tak die al zou kraken bij het geringste zuchtje wind. En dan die strenge blik.

Ik zag Ireen Wüst schaatsen en dacht aan een buizerd. Hoe ze haar enorme kracht beheerst doseert in een vloeiende beweging die moeiteloos oogt. Een sportvrouw die haar eigen teugels strak houdt met focus en flow. Die de krachten van de bocht benut en met elke slag de roos raakt. En dan die strenge blik.

Muzikaal monumentje voor Mijn Moment


De blogserie Mijn Moment is bedacht en verzorgd door Henk-Jan Winkeldermaat (Punkmedia). Mensen uit het netwerk van Henk-Jan verhalen delen er verhalen over hun moment van het afgelopen jaar. Voor mij is er geen eindejaarsgevoel meer zonder Mijn Moment, zoals ook de Top 2000 erbij hoort.

Ik vond het daarom tijd worden voor een kleine ode aan Henk-Jan en zijn initiatief en schreef een liedtekst, waarna ik Marco Raaphorst uitnodigde deze op muziek te zetten. Daarna vroegen we Huub Koch er een video bij te maken. Met Marco en Huub maakte ik eerder het lied Peper. Ik ontmoette beide heren in februai 2008 tijdens een bijeenkomst in Seats2Meet Utrecht, waarbij we met elkaar in gesprek gingen over de toekomst van zakendoen als maker van content. Zie hier een verslag van destijds.

Volgend jaar in de Top 2000?



de eerste prijs, zo ziek als wat
een gevoel dat je te pakken had
een nieuwe baan, een ongeval
je zag weer licht, kroop uit het dal

de eerste groenten uit je tuin
een droom kwam uit, of viel in puin
eindelijk die stap gezet
je wilde plannen uit het vet

klein geluk, groot verdriet
de noten van je levenslied
mijn moment, een tel, een dag,
een dikke traan, een gulle lach

een nieuwe liefde, oude vlam
die plotseling je pad op kwam
een ruzie die werd bijgelegd
je hebt het eindelijk gezegd

de kanker die je lot bepaalt
door het oog van de naald
een nieuwe richting, nieuw geluid
gedurfde keus of goed besluit

klein geluk, groot verdriet
de noten van je levenslied
mijn moment, een tel, een dag,
een dikke traan, een gulle lach

jouw verhaal, vertel het maar
van kalme zee of tropenjaar
elke scène, elk fragment
jouw moment wordt mijn moment

een hand die hielp, een groot gebaar
twijfel, aarzel, wat is waar
langzaam leven, net als toen
je wilt het nu echt anders doen

klein geluk, groot verdriet
de noten van je levenslied
mijn moment, een tel, een dag,
een dikke traan, een gulle lach

jouw verhaal, vertel het maar
van kalme zee of tropenjaar
elke scène, elk fragment
jouw moment wordt mijn moment

26 december 2014

Eikenbladvangen

Licentie CC BY-SA 3.0

Licht gedrogeerd door huisgemaakte endorfinen eindig ik mijn sprintje naar de laatste bocht van vanochtend. Nog vijfhonderd meter immer geradeaus het bospad uitlopen tot aan de weg. Aan de overkant ervan staat mijn huis. Achter de voordeur deel ik leven en liefde met vrouw en dochter. Ik voel me rijk, ook door een gezond lijf dat de hand niet omdraait voor een rondje van tien kilometer.

Het is herfst, zo illustreren plassen, moddersporen en de bruine, kalende kruin van een enkele eik. Hier vind je vooral naaldbomen die het theater van de seizoenen stug negeren. De lucht verfrist mijn longen als een ijskoude cola een keel op een droge zomerdag. Rennen is buitenspelen voor grote mensen. Vooral nu. Ik voel me vandaag groter dan anders. Alice in Wonderland na het leegdrinken van een flesje zuurstofrijke doping. Een kraai vliegt krassend op. Geschrokken, boos? Ik kan de nonverbale communicatie van vogels maar moeilijk duiden.

Enkele meters voor me speelt een briesje met een eikenblad. Ik denk aan het stokkenvangspel uit een show met Ted de Braak - "haartjes nat, nog even op, totdat vader zei: vooruit naar bed" - en probeer het blad te vangen. Het lukt. Ik begin de dag met genoeg jokers om eventuele tegenslag het hoofd te kunnen bieden. Kom maar op!